35. Roermond als toonbeeld van dementie-vriendelijkheid en positieve gezondheid.

Auteur: Wesley Jongen.

Datum: 18-5-2020.

Concepten als positieve gezondheid en dementievriendelijkheid voeren de laatste jaren de boventoon in het publieke gezondheidsdebat in Limburg. In berichtgevingen over dergelijke thema’s duikt dan vaak de Gemeente Roermond op als goed voorbeeld. Waarom lijkt Roermond het zo goed te doen op deze gebieden? Ik vroeg het aan wethouder Smitsmans-Burhenne. Alhoewel het gesprek mijn beeld van ‘successtory’ bevestigde, bespeurde ik geen enkele borstklopperij bij de wethouder, maar juist een bescheiden, doch oprechte, wens om verhalen verder te vertellen ter inspiratie van anderen. Verhalen, als dragers van boodschappen.

Hoe draagt uw gemeente in haar beleid bij aan de volksgezondheid van haar burgers?

“Toch even inleidend: de gemeente Roermond is een gemeente waar sprake is van een grote sociaaleconomische problematiek, met name in bepaalde wijken. Dat heeft onder andere een grote invloed op de gezondheid van burgers. In sommige wijken is de levensverwachting 7 tot 10 jaar korter dan in andere wijken. Als we echt willen zorgen dat mensen op een goede manier in deze stad kunnen wonen, moeten we daarom ook aandacht besteden aan de gezondheidssituatie. Dat gaat hand in hand met andere factoren, zoals werk hebben, armoede en schulden. We zetten daarbij in op de volle breedte, maar vooral op de voorkant. We willen juist die cirkel doorbreken dat er generaties lang mensen zijn die niet gezond opgroeien. We zetten dan ook erg in op het preventieve stuk. Enerzijds met betrekking tot kinderen, waarbij we nauw samenwerken met onder andere de basisscholen en de kinderopvang. Veel van de scholen in de gemeenten zijn zogenaamde ‘JOGG-scholen’ (Jongeren op Gezond Gewicht), waar in de volle breedte aandacht wordt besteed aan zaken als gezonde voeding en voldoende bewegen. Onlangs is er getekend voor een derde projectperiode JOGG, maar op enig moment moet dit beleid structureel indalen; je kunt niet op projectbasis blijven werken.” In die doorontwikkeling is het volgens de wethouder niet ondenkbaar dat er zal worden aangesloten bij het initiatief ‘Gezonde Basisschool van de Toekomst’, waarover we eerder schreven bij PH-Limburg.

Naast de nadrukkelijke aandacht voor de jeugd, besteedt de Gemeente Roermond ook veel aandacht aan de ouderen in de samenleving, want ook Roermond vergrijst in rap tempo. “Hoe kunnen ouderen, die steeds langer thuis wonen, worden gestimuleerd om zo lang mogelijk fit te blijven? Ook dit gebeurt in samenspraak met alle partners in de wijk, zoals de huisartsen, de zorgaanbieders in de wijk, het welzijnswerk in de wijk, maar ook de ziekenhuizen in de omgeving.” Concreet gaat het daarbij om zaken als voedingsvoorlichting, ontmoeting, bewustwording en beweging.

In een ideaal plaatje komt een en ander op een bepaald moment allemaal samen, wenst de wethouder: “de jongeren steeds gezonder laten opgroeien en de ouderen steeds langer en vitaler thuis, allemaal ten behoeve van een gezondere samenleving. Ik kan geen wonderen verrichten, maar ik geloof er wel in dat we de samenleving met zijn allen een beetje kunnen optillen.”

Welke rol spelen concepten als ‘positieve gezondheid’ of ‘participatiemaatschappij’ in het beleid van de gemeente?

Beide concepten komen momenteel duidelijk samen in het programma ‘Samen Gezond Regio Roermond’, een initiatief gestart vanuit Roermond, maar waar gaandeweg ook andere gemeenten bij aangehaakt zijn. “Dit programma sluit volledig aan bij de doelen die we hebben binnen de Wmo en het gezondheidsbeleid, en dat is dat mensen zo lang mogelijk gezond thuis kunnen blijven wonen.” De meerwaarde van het project schuilt met name in de link met het medische domein, zo begrijp ik van de wethouder: “we hadden al veel contacten met het sociaal-maatschappelijke en sociaal-culturele domein, maar nog weinig met het medisch domein. Dat komt in dit project nu heel mooi samen, want we zitten aan tafel met de ziekenhuizen, de huisartsen en de zorgverzekeraars. Eén van de doelen van deze samenwerking is demedicalisering. Bij de huisarts komen bijvoorbeeld heel vaak mensen die geen medische vraag hebben. Als dan de samenwerking tussen de huisartsen en de gemeenten intensiever is, kunnen de huisartsen ook gemakkelijker en gerichter doorverwijzen naar de sociale wijkteams” (in Roermond ‘zorgteams’ genoemd). “Als mensen twee keer per week bij de huisarts komen omdat ze zich niet goed voelen, terwijl de onderliggende oorzaak eenzaamheid is, kunnen wij beter vanuit de Wmo de eenzaamheid aanpakken, dan dat de huisarts daar iedere keer een pil voor geeft.” Het gaat dus om een gerichtere verwijzing van de huisarts terug naar het voorliggend veld, mits het geen medische vraag betreft natuurlijk. Hierdoor worden mensen ook weer minder snel doorverwezen naar de tweede lijn. Ook de ziekenhuizen hebben hier belang bij, benadrukt de wethouder, want de populatie ouderen met (vaak complexe) zorgvragen gaat alleen maar toenemen, net zoals de kosten stijgen en de vraag naar personeel nijpender wordt. “Het is niet de bedoeling dat de ziekenhuizen gaan krimpen, maar wel op een gelijk niveau blijven.” Dit alles heeft een hele directe link met concepten als positieve gezondheid, benadrukt de wethouder: “De mensen in Roermond worden gezonder, kunnen langer thuis blijven wonen op een fijne manier, met minder eenzaamheid, minder gebruikmaking van medicijnen en minder bezoek aan de huisarts en het ziekenhuis. En onze zorgteams werken volledig aan de hand van het model van positieve gezondheid. Dus als we een keukentafelgesprek voeren, dan doen we dat niet meer door alleen te kijken naar wat iemand nodig denkt te hebben, maar ook door nadrukkelijker te kijken hoe iemands sociale netwerk eruit ziet, hoe de financiële situatie is en hoe het welbevinden van mensen is.”

De rol van de gemeente in dit samenspel van partijen is vooral die van regisseur en aanjager. “De gemeente is wettelijk verantwoordelijk voor volksgezondheid en de Wmo. Onze opdracht is om mensen te compenseren in de hulpvraag die men heeft. Eén van die factoren is mensen faciliteren in het zo gezond en kansrijk mogelijk laten opgroeien. Ik houd daarbij niet zo van die pop-up initiatiefjes; alles wat we doen moet structureel ingebed worden. Ik geloof echt dat dit de samenleving en de stad kan optillen.”

Roermond profileert zich nadrukkelijk als dementievriendelijke gemeente. Wat merkt de burger hier concreet van?

Ook hier weer weven terug naar het begin: “Ik werd enkele jaren geleden uitgenodigd voor een manifestatie over alzheimer. Ik leerde daar professor Verhey kennen, een gerenommeerd hoogleraar verbonden aan het Alzheimer Centrum Limburg. Professor Verhey vertelde over het fenomeen alzheimer en hoe dat substantieel gaat toenemen. Op dit moment zijn er in Roermond bijvoorbeeld 1.000 mensen met dementie, maar dat gaat verdubbelen in de komende 10 à 15 jaar.” Zie dit in relatie tot de Wmo en het langer thuis blijven wonen van mensen, en de insteek voor de gemeente is duidelijk: “als je goed bent voor mensen met dementie dan heb je het perfecte seniorenbeleid. Wat zij nodig hebben, hebben in feite alle senioren nodig.” De Gemeente Roermond organiseerde vervolgens een conferentie, bedoeld voor zorgprofessionals, maar ook voor mensen met dementie en hun mantelzorgers zelf. Insteek van de conferentie was de vraag wat de Gemeente Roermond zou kunnen doen om ervoor te zorgen dat mensen met dementie zo goed mogelijk in deze stad kunnen wonen en leven. Hier kwamen allerlei ideeën uit en er toonde zich een grote groep aanwezigen bereid om samen met de gemeente verder te werken aan een dementievriendelijke stad. Hier zijn vervolgens een aantal werkgroepen uit ontstaan, die met verschillende thema’s aan de slag gingen, zoals de mantelzorger, maar ook het verenigingsleven. “Want het eerste dat wegvalt als je dementie krijgt, is dat je niet meer kunt meedoen en dan treedt eenzaamheid en depressie op.” Een ander thema was publieksvoorlichting, oftewel het verhaal vertellen: wat is dementie en hoe ga je ermee om? “We hebben toen ook echt een rondje door de stad gemaakt, langs bedrijven en andere organisaties. En wat bleek, bijna elke organisatie heeft ermee te maken. Denk aan een supermarkt waar iemand met dementie zijn boodschappen doet of de kapper in de straat. We zijn niet van het medische stukje, dat is voor zorgprofessionals, wij zijn echt voor het borgen in de samenleving. We moeten wel nadrukkelijk een verbinding maken met het medische domein, want als dat niet goed geregeld is worden mensen evengoed ongelukkig.”

Wat zijn uw ambities voor de komende jaren?

“We zijn nu 5 jaar bezig en één van mijn zorgen is altijd geweest dat initiatieven niet geborgd zijn voor de toekomst. We moeten dingen kunnen doorgeven. We gaan daarom twee dingen doen: we gaan het concept ‘dementievriendelijk’ verbreden naar ‘seniorvriendelijk’, met een duidelijke link naar het programma Samen Gezond Regio Roermond. En omdat dementie toch een specifieke ouderdomsziekte is, blijven we ook die verdieping verder aanbrengen. Maar het belangrijkste is dat als je over drie jaar terugkomt en aan mensen op straat vraagt hoe het leven in Roermond is, dat zij zeggen dat het leven hier goed is, omdat de mensen met elkaar in verbinding zijn en voor elkaar zorgen. De kinderen zijn er bovendien fysiek beter aan toe en de ouderen zijn fitter en vitaler.”

Bedankt voor het lezen en mocht u vragen of opmerkingen hebben, aarzel dan niet om ons te contacteren.